Magister JFT

De Vereniging

Magister JFT is de juridische faculteitsvereniging, actief sinds het collegejaar 2003-2004. De vereniging wil een bijdrage leveren aan het studentenleven aan de rechtenfaculteit van Tilburg in de breedste zin des woords.
Dit betekent onder andere dat Magister JFT ten doel heeft studenten, docenten en de praktijk van het recht dichter bij elkaar te brengen. Ze nodigt iedereen uit deel te nemen aan zowel inhoudelijke als sociale activiteiten, die een zo breed mogelijk veld beslaan en aansluiten bij de verschillende interesses van de grote groep rechten- en bestuurskundestudenten. Te noemen zijn de verschillende studiereizen, de Juridische Bedrijvendagen Tilburg, het Magistergala en de Nationale Snelpleitwedstrijden.
Daarnaast wil de vereniging een goede vertegenwoordiger zijn van de rechten- en bestuurskundestudenten uit Tilburg. Dit doet zij in verschillende overlegorganen, die zich niet alleen op de campus van de Universiteit van Tilburg bevinden, maar ook daarbuiten. 

Ook wil de vereniging iedereen de kans bieden zich naast de studie, buiten de collegezalen, te ontwikkelen, bijvoorbeeld door buiten de colleges bezig te zijn met de stof, maar ook door te leren organiseren en besturen. Dit betekent dat de vereniging alle studenten de kans wil bieden naast de colleges iets op de universiteit te doen: activiteiten organiseren (grote en kleine, inhoudelijke en sociale), de vereniging de nodige ondersteuning te geven (website bijhouden, bedrijven bezoeken) en bezig zijn met het algehele, of bijvoorbeeld financiële beleid van de vereniging. Kortom: een actieve positie binnen de vereniging te bekleden die aansluit bij ieders wens. Dit kan dus variëren van één uur per week, tot een fulltime functie.

De Geschiedenis

Tot het collegejaar 2002-2003 kende de Tilburgse Rechtenfaculteit vele kleinere studieverenigingen die, hoewel er wel een koepelvereniging bestond, vrij los van elkaar opereerden. Het was voor veel van deze verenigingen de afgelopen jaren moeilijk gebleken om, buiten de succesverhalen om, activiteiten onderscheidend en voor 'de student' aantrekkelijk genoeg neer te zetten. Ook werden bij sommige verenigingen de laatste jaren moeilijkheden ondervonden nieuwe bestuurders te vinden. In februari 2002 besloten verschillende juridische studieverenigingen tijdens de beleidsdag van JF Factor een commissie in te stellen onder leiding van toenmalig studentadviseur van het Faculteitsbestuur, Erik de Ridder, om de problemen waar de juridische studieverenigingen mee kampten te onderzoeken en voorstellen aan te dragen om tot een oplossing van deze problemen te komen. ('Eenheid in verscheidenheid', eindrapport Commissie De Ridder) 

Aan het einde van het collegejaar 2002-2003 kwam deze commissie met het voorstel om, kort gezegd, de verschillende juridische studieverenigingen te laten fuseren en een faculteitsvereniging te creëren waarin zowel een professionaliseringsslag voor het verenigingsleven gemaakt kon worden, als voldoende ruimte was voor verschillende identiteiten, al dan niet voortkomende uit de fusiepartners. Na het nodige denkwerk kreeg de nieuwe vereniging als naam: Magister Juridische Faculteitsvereniging Tilburg.
Die professionaliseringsslag betekende dat de nieuwe vereniging een sterk 'backoffice' zou krijgen. Een centraal gedeelte dat verantwoordelijk zou zijn voor alle administratieve taken, sponsoracquisitie, vertegenwoordiging 'naar buiten toe' en financiële gezondheid van het verenigingsleven. De hoofdverantwoordelijkheid moest volgens de commissie komen te liggen bij een Dagelijks Bestuur dat zich voornamelijk zou bezighouden met het uitvoeren en coördineren van deze taken. Deze professionaliseringsslag had als doel dat andere onderdelen van de vereniging zich, zonder zorgen te maken over het randgebeuren van een vereniging, nog meer konden richten op hun 'core business': het organiseren van activiteiten. 

Binnen deze grote vereniging moest ruimte komen voor voldoende onderscheid in activiteiten. De Commissie De Ridder vatte dit adagium goed samen in de titel van haar eindrapport: 'Eenheid in verscheidenheid'. Wat betekende dit concreet volgens de commissie voor de nieuwe vereniging? De vereniging zou naast enkele centrale commissies, die verantwoordelijk zouden worden voor het organiseren van activiteiten die meer algemeen juridisch of sociaal van aard waren, onderdelen kennen die zich zouden richten op het organiseren van activiteiten op een bepaald rechtsgebied. Deze 'subverenigingen' werden van begin af aan 'Kamers' genoemd, naar de Kamers van een rechtbank. Kamers organiseren dus activiteiten die aandacht geven aan een bepaald rechtsgebied. Het was niet alleen de bedoeling dat de fusiepartners (de 'oude' verenigingen) hierin hun plek binnen het nieuwe verenigingsconcept zouden vinden, maar ook dat opkomende initiatieven binnen de studentenpopulatie de kans zouden krijgen zich te ontwikkelen binnen de vereniging. Het inrichten van een Kamer binnen deze vereniging kost veel minder werk en tijd dan het oprichten van een nieuwe vereniging. Studenten met een goed idee, zijn dus in principe vrij om een Kamer op te richten waarin activiteiten kunnen worden georganiseerd gericht op een bepaald rechtsgebied waaraan nog niet voldoende aandacht wordt geschonken. 

De vereniging 'bottom up' inrichten is dus het credo van Magister JFT. Dit wordt ook nog eens versterkt door onderdelen van de vereniging die nog niet zijn genoemd: de boekenverkoop, het faculteitsblad en de fractie. Deze onderdelen zorgen voor de mogelijkheid studieboeken aan een studentvriendelijke prijs aan te schaffen, meningen te ventileren, inhoudelijke stukken te schrijven of ludieke bijdragen te leveren aan een zeer gewaardeerd faculteitsblad en zorgen voor een goede vertegenwoordiging van de rechtenstudent aan de faculteit. 

Kortom, door vaste, administratieve en financiële taken zoveel mogelijk op één punt binnen de vereniging te organiseren, het actieve studentenleven aan de faculteit zoveel mogelijk te bundelen en door initiatief van studenten en aandacht op verschillende rechtsgebieden zoveel mogelijk kans te geven, heeft men bereikt dat er een meer professionele vereniging is ontstaan, waarin voldoende ruimte is voor verscheidenheid en waarin iedere rechtenstudent zijn of haar eigen plek kan vinden.